De fundering vormt letterlijk de basis van iedere woning. Toch is het ook één van de onderdelen waar de minste aandacht naartoe gaat. Dat is begrijpelijk, want een fundering bevindt zich grotendeels onder de grond en blijft vaak tientallen jaren onzichtbaar. Pas wanneer er scheuren ontstaan, vloeren gaan verzakken of deuren beginnen te klemmen, ontstaat de vraag: is er iets mis met de fundering?
Een funderingsprobleem kan grote gevolgen hebben. Niet alleen voor de veiligheid en het wooncomfort, maar ook voor de waarde en verkoopbaarheid van een woning. Tegelijkertijd betekent een scheur in een muur niet automatisch dat de fundering faalt. Juist daarom is een professionele beoordeling essentieel.
Met een Fase 1 funderingsonderzoek onderzoekt Lamminsvliet de technische staat van de fundering op een uitgebreide en gestructureerde manier. Hierbij kijken we niet alleen naar zichtbare schade, maar ook naar de bodem, de omgeving, historische gegevens en meetbare vervormingen van het gebouw. Het doel is om vast te stellen of er daadwerkelijk sprake is van funderingsrisico’s, wat de mogelijke oorzaak is en of nader onderzoek noodzakelijk is. Het onderzoek wordt uitgevoerd conform de F3O/KCAF-richtlijn “Fundering onder Gebouwen” en de methodiek van de Branche Bouwkundige Inspecteurs (BBI).
Veel woningen vertonen in de loop der jaren kleine scheuren of lichte vervormingen. Dat hoeft niet direct een probleem te zijn. Bouwmaterialen werken, woningen zetten zich en kleine bewegingen zijn vaak normaal.
Toch zijn er situaties waarin nader onderzoek verstandig is.
Een Fase 1 funderingsonderzoek wordt vaak uitgevoerd wanneer:
Voor veel huiseigenaren biedt het onderzoek vooral rust. Het geeft duidelijkheid over de oorzaak van zichtbare gebreken en voorkomt dat er beslissingen worden genomen op basis van aannames.
Een fundering wordt beïnvloed door veel meer factoren dan alleen de constructie zelf. De bodem waarop een woning staat, de grondwaterstand, de omgeving en zelfs het klimaat kunnen een belangrijke rol spelen.
In Nederland komen funderingsproblemen onder andere voor door:
De Nederlandse bodem daalt op veel plaatsen al jarenlang. In gebieden met klei- en veengronden kan deze daling aanzienlijk zijn. Wanneer de bodem onder een fundering zakt, kan de woning ongelijkmatig gaan bewegen.
Vooral bij funderingen op houten palen kan een lage grondwaterstand problemen veroorzaken. Houten funderingspalen zijn ontworpen om permanent onder water te staan. Wanneer ze droog komen te staan, kan houtrot ontstaan, waardoor de draagkracht van de fundering afneemt.
Langdurige droge periodes zorgen ervoor dat klei- en veengronden krimpen. Hierdoor kan de ondergrond verzakken en kunnen funderingen ongelijkmatig belast worden.
Nieuwe bebouwing, wegwerkzaamheden, drainage, grondwateronttrekking en grote bomen kunnen allemaal invloed hebben op de stabiliteit van de ondergrond.
Juist omdat funderingsproblemen meerdere oorzaken kunnen hebben, bestaat een Fase 1 funderingsonderzoek uit verschillende onderzoeksonderdelen die elkaar aanvullen.
Ieder funderingsonderzoek begint met een uitgebreid archiefonderzoek.
De geschiedenis van een woning vertelt vaak veel over de fundering. Daarom onderzoeken wij onder andere:
Hiermee ontstaat een eerste beeld van het funderingstype en mogelijke aandachtspunten. Bovendien kunnen historische gegevens helpen om huidige afwijkingen beter te verklaren.
Niet alleen de woning zelf wordt onderzocht. Ook de omgeving speelt een belangrijke rol.
Tijdens de omgevingsanalyse beoordelen wij onder andere:
Vaak zijn funderingsproblemen niet uniek voor één woning, maar onderdeel van een groter patroon binnen een straat, wijk of gebied. Door de omgeving mee te nemen ontstaat een completer beeld van de risico’s.
Een belangrijk onderdeel van het onderzoek is het analyseren van de ondergrond.
Met behulp van beschikbare meetgegevens onderzoeken wij of sprake is van bodemdaling en in welke mate deze plaatsvindt.
Daarnaast analyseren wij de bodemopbouw:
Sommige bodemsoorten zijn gevoeliger voor zettingen dan andere. Door de eigenschappen van de bodem te combineren met de zichtbare schade ontstaat een beter inzicht in de oorzaak van eventuele funderingsproblemen.
Scheuren zijn vaak de eerste zichtbare signalen die wijzen op mogelijke funderingsproblemen.
Tijdens het onderzoek worden alle relevante scheuren geïnventariseerd en beoordeeld.
Wij kijken daarbij onder andere naar:
Bijzonder veel aandacht gaat uit naar trapvormige scheuren in metselwerk. Deze worden regelmatig geassocieerd met ongelijkmatige zettingen van een fundering.
Ook scheuren in binnenmuren, plafonds en stucwerk worden onderzocht. Hoewel deze niet altijd funderingsgerelateerd zijn, kunnen ze belangrijke aanwijzingen geven over de constructieve bewegingen van een gebouw.
Een visuele inspectie alleen is niet voldoende om funderingsproblemen goed te beoordelen. Daarom voeren wij verschillende metingen uit.
Met nauwkeurige hoogtemetingen onderzoeken wij of vloeren nog waterpas liggen en of sprake is van vervormingen of zettingen.
Door de horizontale voegen van het metselwerk rondom de woning te meten kan worden vastgesteld of delen van het gebouw in het verleden zijn verzakt.
Met schietloodmetingen brengen wij in beeld of gevels nog recht staan of dat sprake is van helling of vervorming.
Door deze verschillende meetmethoden te combineren ontstaat een objectief beeld van eventuele bewegingen binnen de constructie.
Wanneer een kruipruimte aanwezig en toegankelijk is, vormt deze een waardevolle informatiebron.
Tijdens de inspectie beoordelen wij onder andere:
Hiermee ontstaat letterlijk zicht op onderdelen van de fundering die normaal verborgen blijven.
Na afronding van het onderzoek worden alle bevindingen samengebracht in een uitgebreide rapportage.
Hierin worden de verschillende onderzoeksresultaten niet afzonderlijk beoordeeld, maar juist in samenhang met elkaar bekeken. Een kleine scheur hoeft bijvoorbeeld geen probleem te zijn wanneer geen scheefstand wordt gemeten. Andersom kan beperkte zichtbare schade juist aanleiding geven tot nader onderzoek wanneer meerdere risicofactoren samenkomen.
Op basis van alle onderzoeksgegevens wordt een funderingstoestandklasse toegekend:
Klasse A – Geen aanwijzingen voor funderingsproblemen.
Klasse B – Beperkte funderingsinvloeden aanwezig.
Klasse C – Verhoogd funderingsrisico aanwezig.
Klasse D – Duidelijke aanwijzingen voor funderingsproblemen.
Klasse E – Ernstige funderingsproblemen of funderingsschade aanwezig.
Daarnaast ontvangt u een concreet advies over eventuele vervolgstappen, monitoring of aanvullend onderzoek.
Twijfelt u aan de fundering van uw woning? Heeft u scheuren, verzakkingen of andere signalen waargenomen? Of wilt u vooraf zekerheid bij aankoop of verkoop van een woning?
Met een Fase 1 funderingsonderzoek van Lamminsvliet krijgt u een objectieve beoordeling van de fundering, gebaseerd op metingen, analyses en een uitgebreide inspectie.
Zo weet u precies waar u aan toe bent en voorkomt u verrassingen in de toekomst.
Neem vrijblijvend contact op voor meer informatie of een offerte voor een Fase 1 funderingsonderzoek in Zeeland en Zeeuws-Vlaanderen.